De groei van de stad en de dominante rol daarin van auto en verkeer gingen vorige eeuw gepaard met verlies van de kwaliteit van het leefklimaat. De ‘goede oude woonstraat’ was eeuwenlang hét leefgebied bij uitstek. Kinderen konden er veilig spelen en mensen ontmoetten er elkaar. In nog geen 50 jaar (!) is dat beeld bijna totaal verdwenen.
Wereldwijd ontstonden er initiatieven met een signaalfunctie dan wel als alternatief. In Hamburg was er al in 1932 het initiatief Spielstrasse. Hoe die formule was is ons niet bekend. Van andere steden zoals New York, Istanboel en Rio de Janeiro is bekend dat zij enorme boulevards op zondagen ‘leeg maakten’ en ter beschikking stelden van de burger. De autovrije stadscentra hebben dit fenomeen inmiddels verdrongen. België kent al vanaf begin jaren ‘70 de Wet Speelstraten, welke burgers het recht geeft gedurende de zomervakantie hun woonstraat 2 weken achtereen af te sluiten. Ons landje kent de jaarlijkse Nationale Straatspeeldag.
“s-Hertogenbosch kent vanaf 2000 het fenomeen ‘Speelstraten’. De oorspronkelijke naam was skate- en speelstraten, later alleen speelstraten. Doel van dit burgerinitiatief van stadgenoot Marcel Roomans was: structurele veranderingen in woonstraten ten gunste van een beter speel-, leef- en ontmoetingsklimaat.